Home » Special

Special

Zin in een avontuur?

 
Een vlucht maken met een ballon, heerlijk zweven boven stad en land, dat is een prachtig avontuur. Zo’n grote ballon met daaronder een mand, je hoort de branders wanneer er weer wat hoogte moet worden gemaakt en kijk je naar beneden, zie vaak mensen opkijken en naar boven wijzen.
 
Er zijn 2 soorten luchtballonnen:
 
Een heteluchtballon , waarin de lucht wordt verwarmd door gasbranders.
 
Een gasballon. Een gasballon kan alleen in de lucht komen als het gas lichter is dan de lucht. Vroeger gebruikten ze waterstof omdat dat lichter was dan lucht. Maar dat was heel gevaarlijk omdat dat heel brandbaar is. Daarna  gebruikten ze helium want dat is niet gevaarlijk en niet brandbaar.
 
De allereerste heteluchtballon werd gemaakt in 1783 door  Joseph en Jacques Montgolfier. Bij de eerste demonstratie vloog de ballon (zonder mensen) ongeveer 2 km op een hoogte van 2 meter. De tweede reis werden er een schaap, haan en eend mee de lucht in gestuurd, ze maakten een vlucht van 3 km. Op 15 oktober 1783 ging Francis Pilatre de Rozier als de eerste mens de lucht in.
 
Een luchtballon  bestaat uit 5 onderdelen:
 
Een omhulsel, gemaakt van nylon met een kriskras geweven versterkingsnet, zodat het niet scheurt. In de top van de ballon zit een temperatuursensor, zodat de ballonvaarder in de gaten kan houden dat het niet heter wordt dan 120 graden Celsius, ruim onder het smeltpunt van nylon.
 
De mand, gemaakt van gevlochten wilgentenen. Een materiaal dat licht, sterk en buigzaam is.
 
De brander, wanneer de piloot het ventiel van de brander opentrekt, komt het propaangas naar buiten en ontstaat er een vlam van wel 4 meter hoog.
 
De gasflessen bevatten 40 liter gas, daarmee kan 40 min gevlogen worden. Er is altijd een brandblusser aan boord en de gasflessen zijn verpakt in een dikke hoes, zodat je je er  niet aan verwond bij de landing.  
 
Een brander frame hangt aan de kabels van de ballon, de mand hangt weer aan dit frame. 
 
Voordat de ballon kan vertrekken, moet alles ter plaatse in elkaar worden gezet. Alle onderdelen worden nauwkeurig en steven aan elkaar gemaakt. Dan wordt er met een ventilator lucht in de ballon geblazen, die dan wordt verwarmd met de branders. Wanneer de mand rechtop staat kan worden opgestegen. De ballon kan alleen met de winden de luchtstromen  mee vliegen, de piloot moet goed weten waar hij is en welke stromen op welke hoogtes zijn. Door meer of minder hete lucht in de ballon te laten kan worden geklommen of gedaald.  Wanneer de tocht lang genoeg heeft geduurd wordt er gezocht naar een goede plek om te landen, meestal is dat op een weiland, de boer krijgt hiervoor dan een vergoeding. Een volgauto rijdt beneden mee met de ballon en zij helpen weer mee om de ballon op te ruimen. Aan de bovenkant van de ballon zit het zogenaamde scheurtouw, daarmee kunnen ze een gat maken zodat de lucht kan ontsnappen.